Exodus 17, 1-17, 1 Korintiers 1, 1-13, Johannes 4, 5-26
In het evangelie van deze zondag horen we over de ontmoeting van Jezus met de Samaritaanse vrouw. Jezus doet iets wat in zijn tijd ongehoord is: Hij spreekt met een Samaritaanse. Joden gingen niet om met Samaritanen. Zij werden als onrein beschouwd. Jezus doet dat wel. Ook later zal Hij meer van dit soort grenzen doorbreken. Zo leert Hij dat God groter is dan de grenzen die mensen – om welke reden dan ook – hebben getrokken. Tegelijk begint er bij de Samaritaanse vrouw iets te schuiven: zij begint zich af de vragen of Jezus niet de beloofde Messias is. Op haar woord bekeren vele Samaritanen zich. Het doorbreken van grenzen, het doorbreken van (kwalijke) gewoonten: het is bij uitstek een thema dat past in deze Veertigdagentijd.
